Taalniveaus voor de NT2-leerder

Niveaubeschrijving volgens het Common European Framework of Reference for Languages (CEFR)


Het CEFR is een referentiekader om taalbeheersingsniveaus van mensen die een vreemde taal leren op een uniforme manier te kunnen beschrijven en vergelijken. De richtlijnen gelden voor alle talen.


Het referentiekader beschrijft een Europese schaal voor 6 taalniveaus (A1, A2, B1, B2, C1 en C2) voor  beheersing van verschillende vaardigheden: spreken, schrijven, luisteren en lezen.


Eindniveau A: basisgebruiker (beginner)

Eindniveau B: onafhankelijk gebruiker (gevorderd)

Eindniveau C: vaardig gebruiker (vergevorderd)



A1

Begrijpen

Luisteren

Begrijpt vertrouwde uitdrukkingen en eenvoudige zinnen als er heel langzaam en duidelijk gesproken wordt.

Lezen

Kan vertrouwde namen, woorden en zeer eenvoudige zinnen begrijpen in standaardteksten als mededelingen, posters, catalogi.


Spreken

Productie

Kan zich uitdrukken in losse woorden en in korte, eenvoudige zinnen over concrete zaken uit de eigen leef- of werkomgeving.

Gesprekken voeren

Kan deelnemen aan eenvoudige gesprekken in situaties die veel voorkomen in het dagelijks leven en op de werkplek.


Schrijven

Schrijven

Kan losse woorden zoals personalia in formulieren invullen en een korte tekst schrijven zoals vakantiegroeten op een ansichtkaart.


A2

Begrijpen

Luisteren

Begrijpt de belangrijkste punten van korte en eenvoudige boodschappen en aankondigingen als er langzaam en duidelijk gesproken wordt.

Lezen

Kan korte en eenvoudige teksten lezen over concrete onderwerpen uit de eigen leef- of werkomgeving.


Spreken

Productie

Kan in eenvoudige bewoordingen een beschrijving geven van mensen, leef- en werkomstandigheden, dagelijkse routines, enzovoort.

Gesprekken voeren

Kan korte gesprekken voeren in standaardsituaties. Kan vragen stellen en beantwoorden en ideeën en informatie uitwisselen over vertrouwde onderwerpen in voorspelbare, alledaagse situaties.


Schrijven

Schrijven

Kan korte, informele brieven schrijven en boodschappen noteren in telegramstijl.


B1

Begrijpen

Luisteren

Begrijpt feitelijke informatie over veel voorkomende onderwerpen uit dagelijks leven en werk.

Lezen

Kan feitelijke teksten over onderwerpen uit de eigen leef- of werkomgeving lezen met een redelijke mate van begrip.

 

Spreken

Productie

Kan een eenvoudige uiteenzetting geven over vertrouwde onderwerpen uit de eigen leef- of werkomgeving.

Gesprekken voeren

Kan met redelijk gemak deelnemen aan gesprekken over onderwerpen uit het dagelijks leven, gericht op het onderhouden van sociaal contact en het regelen van zaken.


Schrijven

Schrijven

Kan eenvoudige samenhangende tekst schrijven over vertrouwde onderwerpen in het dagelijks leven, op werk of opleiding.


B2

Begrijpen

Luisteren

Begrijpt meer complexe informatie over onderwerpen uit het dagelijks leven en de wereld van opleiding en beroep in voldoende mate om de draad van het betoog te volgen.

Lezen

Begrijpt een breed scala aan teksten op eigen vak- of interessegebied. Begrijpt teksten over specialistische onderwerpen als hij voldoende kennis heeft van het desbetreffende onderwerp.


Spreken

Productie

Kan een duidelijk, gedetailleerd betoog houden over een breed scala van onderwerpen uit het eigen interesse- of werkgebied.

Gesprekken voeren

Kan op een effectieve wijze deelnemen aan (semi-)formele en informele gesprekken over onderwerpen van praktische, sociale en beroepsmatige aard. Kan in een discussie een mening geven en die met argumenten onderbouwen.


Schrijven

Schrijven

Kan duidelijke, gedetailleerde tekst schrijven over een breed scala van onderwerpen in het dagelijks leven, in het beroepsleven en in opleidingen.


C1

Begrijpen

Luisteren

Kan uitgebreide betogen over abstracte en complexe onderwerpen volgen, ook buiten het eigen interesse- of vakgebied. Begrijpt veel idioom en spreektaaluitdrukkingen.

Lezen

Kan tot in detail lange, complexe teksten begrijpen, waaronder specialistische artikelen en lange technische instructies op het eigen vakterrein of bedoeld voor de geïnteresseerde leek, mits moeilijke passages herlezen kunnen worden.


Spreken

Productie

Kan gedetailleerde en precieze beschrijvingen geven van en formele presentaties houden over complexe onderwerpen.

Gesprekken voeren

Kan zich vloeiend en spontaan uitdrukken. Kan de taal flexibel en effectief gebruiken voor sociale en voor professionele doeleinden.


Schrijven

Schrijven

Kan duidelijke, goed-gestructureerde teksten over complexe onderwerpen in werk, opleiding en privéleven adequaat en accuraat schrijven.


C2

Begrijpen

Luisteren

Ik kan moeiteloos gesproken taal begrijpen, in welke vorm dan ook, hetzij in direct contact, hetzij via radio of tv, zelfs wanneer in een snel moedertaaltempo gesproken wordt als ik tenminste enige tijd heb om vertrouwd te raken met het accent.

Lezen

Ik kan moeiteloos vrijwel alle vormen van de geschreven taal lezen, inclusief abstracte, structureel of linguïstisch complexe teksten zoals handleidingen, specialistische artikelen en literaire werken.


Spreken

Productie

Ik kan een duidelijke, goedlopende beschrijving of redenering presenteren in een stijl die past bij de context en in een doeltreffende logische structuur, zodat de toehoorder in staat is de belangrijke punten op te merken en te onthouden.

Gesprekken voeren
Ik kan zonder moeite deelnemen aan welk gesprek of discussie dan ook en ben zeer vertrouwd met idiomatische uitdrukkingen en spreektaal. Ik kan mezelf vloeiend uitdrukken en de fijnere betekenisnuances precies weergeven. Als ik een probleem tegenkom, kan ik mezelf hernemen en mijn betoog zo herstructureren dat andere mensen het nauwelijks merken.


Schrijven

Schrijven

Ik kan een duidelijke en vloeiend lopende tekst in een gepaste stijl schrijven. Ik kan complexe brieven, verslagen of artikelen schrijven waarin ik een zaak weergeef in een doeltreffende, logische structuur, zodat de lezer de belangrijkste punten kan opmerken en onthouden. Ik kan samenvattingen van en kritieken op professionele of literaire werken schrijven.